Een proefje doen of gedemonstreerd krijgen en er dan ook nog wat van op steken.
Dat zijn de leukste ingrediënten van het vak natuur- en scheikunde.

1 vak of toch 2 vakken ?
Het vak natuur- en scheikunde krijgen alle leerlingen voor het eerst in de tweede klas. Het is dan 1 gecombineerd vak. In het derde en vierde leerjaar worden beide vakken weer apart gegeven. Dan heten ze overigens iets anders, namelijk: natuur-scheikunde 1 (nask1, voorheen natuurkunde) en natuur-scheikunde 2 (nask2, voorheen scheikunde).
Nask2 is een keuzevak dat in klas 3 en in klas 4 alleen in de theoretische- en gemengde leerweg wordt gegeven.
Nask1 is in klas 3 in deze twee leerwegen een verplicht vak en in klas 4 een te kiezen examenvak. In de kader- en basisberoepsgerichte leerweg wordt alleen nask1 als verplicht vak in zowel klas 3 als klas 4 gegeven in de sector techniek in de afdelingen bouw, wonen & interieur en metaaltechniek.
Nask2
Nask2 is niet een vak waarbij chemische stoffen zomaar worden gemengd, er dekking wordt gezocht en vervolgens gekeken wordt wat er is overgebleven. Nee, er wordt gericht gekeken hoe nieuwe stoffen gemaakt kunnen worden en hoe deze reacties verlopen.
Nask1
Bij nask1 ligt de nadruk niet op het maken van de stoffen, maar meer op de eigenschappen van die stoffen en op verschijnselen uit het dagelijkse leven. Bijvoorbeeld bij onderwerpen als elektriciteit, warmte, beweging, licht en geluid .
Proeven doen
Voor beide vakken geldt dat de leerstof wordt ondersteund door het doen van proeven. We noemen het dan practicum. Het doen van de proeven of een demonstratie krijgen vinden leerlingen het leukst. Maar ook moet de nodige theoretische kennis eigen gemaakt worden. Een goede afstemming tussen practicum en theorie is dan ook de zorg van de sectie natuur- en scheikunde. Op deze manier proberen we de leerlingen zo goed mogelijk voor te bereiden op het vervolgonderwijs.